Van lapje grond naar katalysator kringlooplandbouw

AgroProeftuin de Peel bestaat vijf jaar en ontwikkelt zich tot de katalysator voor de zo gewenste kringlooplandbouw, die vernieuwers bij elkaar brengt en inspireert. Dat blijkt uit de jaarlijkse ‘pioniersbijeenkomst’ van de proeftuin, tijdens de Dutch Food Week 2019.

Het begon op een lapje grond van 5 hectare bij Zeeland, destijds onder de naam Agro As de Peel. Na vijf jaar pionieren is het initiatief uitgegroeid tot een proeflocatie van 35 hectare, verschillende innovatieve projecten en een netwerk van landbouwvernieuwers met lef.

Sterk agrofoodcomplex

Dat constateert ook Michel Berkelmans, manager experimenten kringlooplandbouw van het ministerie van LNV. Hij is een van de sprekers van de bijeenkomst. “De Peelregio heeft een sterk agrofoodcomplex. Dat kan invulling geven aan kringlooplandbouw die verder gaat dan alleen het landbouwbedrijf. Het gaat om de transitie van het hele voedselsysteem.” Hij is lovend over de energie en de samenwerking die hij in dit gebied tegenkomt. “Zet in de Peel een aantal ondernemers bij elkaar en er gebeurt iets.” Ofwel: hier is kringlooplandbouw in uitvoering.

 

Status experimenteergebied

Het thema van de bijeenkomst is ‘Pionieren in de AgroProeftuin. Het gaat hier vooral om pionieren met verduurzaming en kringlooplandbouw. Deze thema’s staan hoger dan ooit op de politieke en maatschappelijke agenda. De minister van LNV heeft AgroProeftuin de Peel aangewezen als één van de vijf experimenteergebieden ten behoeve van kringlooplandbouw. De komende maanden wordt gewerkt aan de invulling van deze status, mede in overleg met de vier andere experimenteergebieden.


Michel Berkelmans (LNV):

"Zet in de Peel een aantal ondernemers bij elkaar en er gebeurt iets."


Ervaringen delen

Tijdens de bijeenkomst in Zeeland delen verschillende pioniers ervaringen en resultaten van hun project in AgroProeftuin de Peel. De pioniers zijn in veel gevallen agrarische ondernemers, zoals een varkenshouder die eigen eiwit teelt of een melkveeveehouder met sorghum als alternatief voor snijmais. Behalve van boeren komen de projecten van commerciële toeleveranciers in de agribusiness: een varkensstal zonder emissies (ZERO-stal) of bodemproeven met compost en insectensubstraat.

CO2 als verdienmodel

De bijeenkomst heeft niet alleen als doel terug te blikken. Er is ook ruimte voor vernieuwende ideeën die (nog) geen project van AgroProeftuin de Peel zijn.
Eén van die items is CO2 als verdienmodel. Piet Hermus, akkerbouwer in Zevenbergschen Hoek en onderzoekster Mieke van Eerten-Jansen van HAS Hogeschool zien volop mogelijkheden. “De landbouw is de enige sector die CO2 kan vastleggen”, aldus Hermus, die zichzelf ‘koolstofboer’ noemt. Hij wil de CO2-opslag in gewassen economisch benutten door afspraken te maken met de industrie. Hij rekent al gauw op een opbrengst van €100 per hectare, via CO2-certificaten.
Volgens Van Eerten-Jansen zijn er in het buitenland meerdere voorbeelden waar het al werkt, waaronder in Duitsland en Oostenrijk. “Boeren maken dan langdurige afspraken over de hoeveelheid organische stof die ze vastleggen. Er is meer vraag naar CO2-certificaten dan dat er aanbod is.” Beide zien kansen voor de Peel om bedrijven en boeren aan elkaar te koppelen. “Denk aan een lokale bierbrouwerij of bouwbedrijf dat afspraken maakt met telers over het vastleggen van CO2. Bepalend voor succes is dat het systeem transparant is.”

 

Vlees met kleine footprint

Duurzaamheid is ook onderdeel van het verdienmodel van Eigezwijns, een initiatief van een collectief varkenshouders in de Peel. Ze werken aan vleesproduct met een kleine ecologische footprint. Als consumenten een paar cent meer per kilo vlees betalen, verlagen ze hun milieubelasting in de vorm van minder CO2. Ze hebben tevens een lekker en lokaal geproduceerd product. Varkenshouder Wilbert Egelmeers hoopt dat dit door boeren ontwikkelde vleesconcept onder de naam ‘Eigezwijns’ snel in de winkels in de regio Noordoost-Brabant en daarbuiten is te vinden. De emissiearme ZERO-stal zou er in dit concept heel goed bij passen.


Piet Hermus:
“De landbouw is de enige sector die CO2 kan vastleggen.”

Kansen voor agroforestry

Een ander onderwerp dat mogelijkheden biedt voor verdere uitwerking in de AgroProeftuin is agroforestry. Deze ‘boomteelt in de landbouw’ kan op meerdere manieren: van volledig productiebos en combinaties met landbouw tot alleen aanplant van hagen langs percelen. Volgens Piet Rombouts, zelfstandig adviseur bodem en water en coördinator van Agroforestry Netwerk Zuid-Nederland, leent juist Noordoost-Brabant zich daar uitstekend voor. “Met aanplant van bomen ontstaan groene zones op plaatsen in het gebied waar nu weinig beplanting is.”
Rombouts legt uit dat bomen meer dan 30 functies hebben. Naast productie van producten of biomassa dragen ze ook bij aan de kringloop van mineralen en het voorkomen van verspreiding van zoönosen (ziektekiemen die van dier naar mens gaan). “Bomen halen diepgelegen mineralen naar boven waardoor ze opnieuw gebruikt worden. Een boom is eigenlijk een mineralenpomp en past dus goed bij kringlooplandbouw.” De invulling van agroforestry dat op bedrijfsniveau het beste past is vanzelfsprekend bedrijfsafhankelijk en maatwerk.

 

Ruimte voor nieuwe projecten

Binnen AgroProeftuin de Peel is ruimte voor nieuwe projecten. Bestuurder Ben Brands roept vernieuwers in Noordoost-Brabant op om ideeën aan te dragen. “We hebben nog steeds een grote ambitie.” Brands is wethouder in de gemeente Landerd en namens de regio bestuurlijk aanvoerder van AgroProeftuin de Peel.
AgroProeftuin de Peel kan waar nodig projecten financieel of organisatorisch ondersteunen en heeft een breed netwerk beschikbaar waar iedereen van kan profiteren. Daarnaast levert samenwerken onder de vlag van proeftuin meer op. Pioniers kunnen ervaringen uitwisselen en hun werk is beter zichtbaar. “Het gaat erom dat partijen elkaar hier vinden. Innovatie en samenwerking gaan hand in hand om de kringlopen te sluiten”, aldus programmamanager Michiel Ytsma. “Samen bereik je meer.”


Piet Rombouts:
“Een boom is eigenlijk een mineralenpomp en past dus goed bij kringlooplandbouw.”